Oorlog wordt robotisch, en wij zijn er niet klaar voor

Gepubliceerd op 5 oktober 2026 om 10:16

Drones boven het Midden-Oosten. Robots die posities innemen in Oekraïne. Terwijl wij discussiëren over hoeveel procent van het bbp naar defensie moet, verandert de oorlog zelf van vorm. En dat gaat sneller dan onze inkoopprocessen, onze budgetten en onze verbeelding.

Een positie zonder infanterie

Op 13 april 2026 meldde president Zelensky dat Oekraïense troepen voor het eerst een Russische stelling hadden ingenomen met uitsluitend onbemande systemen: grondrobots en drones. Er was volgens hem geen infanterie bij betrokken en er waren geen eigen verliezen. Bij één van de beschreven acties kwamen twee overlevende Russische soldaten naar buiten met een kartonnen bord om zich over te geven.

Dat is geen losstaande gebeurtenis. In de eerste drie maanden van 2026 voerden de Oekraïense grondrobots meer dan 22.000 missies uit langs de frontlinie. Een robot van het type Droid TW-12.7 zou in maart 45 dagen achter elkaar een frontpositie hebben gehouden. Ook de aanval zelf wordt slimmer: met autonome navigatie schiet de trefkans van FPV-drones volgens het CSIS van 10-20 procent naar 70-80 procent.

Een kanttekening hoort erbij. Het is onduidelijk naar welke operatie Zelensky precies verwees, en er zijn al sinds de zomer van 2025 meldingen van meerdere operaties met alleen onbemande systemen. Het gaat dus om een officiële mededeling, niet om iets wat ik onafhankelijk kan controleren. En robots vervangen de infanterie niet: ze helpen haar haar werk te doen, ook bij aanvallen. Maar de richting is duidelijk, en die richting wijst weg van de soldaat op het slagveld.

Goedkoop tegen duur

Kijk dan naar het Midden-Oosten, want daar zie je het andere probleem. Een Shahed-drone kan meer dan 1.000 kilometer vliegen met een lading van 50 kilo en kost soms maar 50.000 dollar. Aan de verdedigende kant wordt het duur. Een Patriot PAC-3 MSE kost ongeveer 4 miljoen dollar. Een AIM-9X-raket kost circa 400.000 dollar, terwijl een APKWS-raket van 22.000 dollar hetzelfde doel kan raken.

Reken maar uit. Wie honderd goedkope drones met dure raketten neerhaalt, verliest de oorlog aan de kassa, ook als elke onderschepping slaagt. Zulke goedkope drones zijn juist bedoeld om hoogwaardige systemen als Iron Dome met louter volume uit te putten. Dat is geen technologisch achterstandje. Het is een economisch systeemfout.

Europa heeft capaciteit, maar geen volume

Het CEPA schrijft dat de Europese luchtmachten draaien om kleine vloten dure bemande jagers met beperkte aantallen dure precisiewapens: veel capaciteit, maar weinig volume. Bruegel voegt eraan toe dat Europa moet leren van Oekraïne en op grote schaal moet investeren in goedkope tegenmaatregelen tegen drones.

De dreiging is niet theoretisch. Euronews meldde twee dagen geleden dat de CIA zou hebben gewaarschuwd voor een Russische drone, de Gerbera: twee meter lang, 18 kilo, in staat om tot 600 kilometer te vliegen. Die is niet bedoeld voor massale verwoesting, maar voor een symbolisch en ontwrichtend effect, zoals een luchthaven tijdelijk stilleggen. Let wel: dat bericht berust op anonieme bronnen uit Litouwen via El Mundo, dus behandel het als signaal en niet als bewijs. Het punt blijft staan. Een luchthaven sluiten kost een tegenstander bijna niets. Ons kost het geld, vertrouwen en tijd.

Er is ook goed nieuws, maar het is nog niet genoeg

Er beweegt wat. Oekraïne heeft drone-onderscheppers ontwikkeld die maar 1.000 dollar kosten, en vijf Europese landen willen met hun kennis goedkope luchtverdediging gaan bouwen. In München werkt Tytan Technologies aan autonome onderscheppingsdrones als goedkoper antwoord. Dat zijn goede tekenen.

Maar programma's aankondigen is iets anders dan produceren, oefenen en opslaan. Oekraïne heeft vier jaar oorlog nodig gehad om dit te leren. Wij proberen het in vredestijd te doen, met procedures die zijn gebouwd voor een ander soort conflict.

De vraag die overblijft

Er is ook een ethisch punt dat ik niet wil overslaan. Onderzoekers die dit volgen pleiten ervoor dat mensen de controle houden over dit soort wapens en dat er duidelijkere, mensgerichte regels komen voor ontwerp, testen en inzet van autonome wapensystemen. Dat zou je niet moeten laten liggen tot de eerste incident, en het loopt nu achter op de techniek. Dus wat is er nodig? Veel meer goedkope verdediging. Productiecapaciteit voor drones en onderscheppers op Europese bodem. Oefenen tegen zwermen in plaats van tegen enkele doelen. En een serieus gesprek over regels voordat de machines ze voor ons maken. We kunnen dit blijven zien als iets wat ver weg gebeurt. Maar wie de cijfers ziet, weet beter.

De oorlog is al robotisch geworden. De vraag is alleen of wij dat ook zijn geworden voordat we het nodig hebben.